Doe wat je wilt, maar laat je niet klein houden!

Gisteren stond ik op Amsterdam CS te wachten op de trein. Aan internet op mijn mobiel doe ik niet en dat bespaart me veel onrust, want ik kan niet elke seconde dat ik me verveel op mijn telefoon kijken. Kranten en tijdschriften lees ik maar heel sporadisch. En dus had ik ‘niets te doen’. Ik begon te dansen en dat werd niet door iedereen gewaardeerd.

Een van mijn favoriete ervaringen. Niets te doen hebben.

Want dan ga je opeens letten op de wereld om je heen. De mensen die voorbij lopen. Hoe de zon door de kieren in het dak een mooi patroon op de stoep tekent. Kleine dingen gaan je opvallen. Daar geniet ik enorm van.

Op zulke momenten voel ik pas echt hoe levend ik ben. Een mens van vlees en bloed. Langzaam komen er meer ervaringen binnen. Hoe de wind langs mijn huid strijkt. Dat het aangenaam warm is. Mijn voeten in mijn slippers op de grond. Kleine dingen. Gewoon, omdat ik niet afgeleid ben.

Terwijl ik al deze dingen ervoer had ik ook mijn koptelefoon op, met een lekker muziekje. En als vanzelf begon mijn lichaam mee te bewegen. Het kijken, voelen, ervaren van de details om me heen had ook mij wakker gemaakt. Ik voelde mijn levendigheid als mens. En dat, gecombineerd met de fijne muziek in mijn oren, maakte dat ik niet stil kon staan.

Het voelde zo gek. Keurig stilstaan, terwijl elke vezel in mijn lichaam deel wilde uitmaken van dit moment. Ik begon te dansen. Eerst voorzichtig en toen steeds uitgebreider. Ja, ik ben niet alleen maar de waarnemer van de ervaringen (geluiden, geuren, beelden, gevoelens)… ik ben de ervaring. Ik kan niet stilstaan als er zoveel leven in me is!

Er was geen schaamte. Alles gleed van me af. Op dat perron, dat steeds drukker werd, stond ik heerlijk te dansen. Ik merkte dat mensen keken. Sommigen nieuwsgierig (‘Zou dit het begin van een flashmob zijn?’), anderen geamuseerd (‘Wat leuk dat ze het zo naar haar zin heeft’) en (helaas de overgrote meerderheid) geërgerd  of ongemakkelijk.

 

Doe eens even normaal…

 

Naarmate er meer mensen het station op kwamen, voelde ik de druk in mijn lichaam opbouwen. Het was heel apart. Want ik had mijn ogen veel en vaak dicht. Ik zat echt in mijn eigen wereldje. Die druk voelde ik dus niet alleen maar, omdat ik mensen af en toe zag kijken.

Het was eerder iets energetisch. Misschien ken je de ervaring wel dat je het kunt ‘voelen’ als er ruzie is geweest in een kamer. Je was niet bij die ruzie, maar toen je de kamer in kwam voelde je gelijk dat er iets niet helemaal oké was. Een zwaar soort gevoel. Zoiets bouwde zich ook in mijn ervaring op, daar op dat perron.

Ik voelde hoe ik een beetje trillerig werd. Mijn bewegingen werden steeds minder vrij. Waar alles eerst nog vloeiend ging, aarzelde mijn lichaam nu in haar bewegingen. Tegelijkertijd hoorde ik mezelf denken, ‘hey, dit is interessant! Voor mijzelf is er niets veranderd. Ik wil nog steeds dansen. Waarom gaat het dan stroever?’

Toen ik eens goed om me heen keek zag ik dat het perron inmiddels ramvol mensen stond. Met sommigen had ik even een leuk oogcontact of momentje. Zo was er een meneer die ook muziek aan het luisteren was. Eerder stond hij stil om zich heen te staren. Maar nu durfde hij, aangewakkerd door mijn vrije gedans, ook wat heen en weer te hupsen. Maar andere mensen keken me bijna boos aan, alsof ze wilden zeggen, ‘hou nu onmiddelijk op. Ik heb last van je.’

 

Hoe vrij zijn we echt?

 

Wat een interessant sociaal experiment! (Ik vind het altijd leuk om te kijken hoe mensen zich gedragen. Dat is toch de sociaal psycholoog in mij). Objectief deed ik niets waar anderen last van hadden, maar omdat het niet paste in de groepsnorm zetten mensen zich er toch tegen af. En dat was dus al energetisch voelbaar, nog voordat ik hun blikken had ontmoet. Mijn lichaam resoneerde als het ware mee met wat zij voelden. En omdat de groep groot genoeg was, beperkte het zelfs mijn bewegingen in enige mate.

Het zette me aan het denken. Zou dit overal in de maatschappij gebeuren, maar dan op heel veel subtiele manieren? Op school leren we allemaal om braaf stil te zitten, informatie te consumeren en al heel vroeg leren we dat er ooit een einde komt aan spelen. Je moet het leven serieus nemen. Je moet ploeteren.

Dat is bijna een collectief trauma te noemen. Met trauma’s is het bovendien zo dat mensen soms voor zichzelf goedpraten waarom ze die pijn meedragen. ‘Het is nu eenmaal zoals het is,’ hoor je dan vaak. De pijn wordt het nieuwe normaal. We voelen allemaal de pijn van beperkt zijn in onze vrije menselijke expressie. We hebben allemaal dromen die verpletterd zijn. En zo lang we maar collectief lijden, lijkt dit grote verdriet enigszins dragelijk. Want iedereen heeft het toch? Dus zal het wel normaal zijn.

Een van onze grootste pijnen is dat we allemaal in een soort zelfgemaakte doosjes leven. Keurig stilzitten en consumeren. Sinds onze schooltijd is er niets veranderd. Alleen is het geen leraar meer die ons dit vertelt. We doen het helemaal zelf.

We staan keurig stil op het perron. Vanbinnen zijn er allerlei gevoelens, vreugde, woede, angst, uitgelaten plezier. Maar we duwen het allemaal weg en staren naar ons telefoonscherm of krantje. Eenmaal thuis aangekomen verwisselen we het krantje voor het scherm van de televisie of tablet, maar de rest blijft hetzelfde. Het lichaam bungelt er ergens onder.

 

photocredit: unsplash

 

Laat je niet klein houden

 

Als we op straat iemand zien die ‘uit de pas loopt’ is dit confronterend. Het zet de boel op zijn kop. Want net zoals dat ik de collectieve energie van die anderen kon voelen die wilden dat ik stilstond, moet het vast ook de andere kant uit werken. Als ik vrij en uitbundig beweeg, gaat er vast ook iets bewegen in de mensen er omheen. En dat zorgt voor allerlei soorten verwarring. Want voelen, willen bewegen… dat mag niet. Dat kan niet. Dat is niet zoals we het geleerd hebben. Dus proberen anderen de vrije persoon weer terug in het hokje te drukken. En zo is de cirkel rond.

Ik heb allang geleerd me er niets van aan te trekken. Ondanks alle druk die ik in zo’n moment ervaar. Het is mijn leven. Mijn lichaam. We zijn als mens geboren met al deze gevoelens, ervaringen en met dit vrije lichaam om er optimaal uitdrukking aan te geven. Als we alleen bedoeld waren hersenen op pootjes te zijn, had de evolutie daar allang wat op gevonden.

Ik wil je op het hart drukken: doe wat je wilt, maar laat je niet klein houden. Wees zo levend als je kunt zijn. Misschien vind je vrijuit dansen op het station nog een beetje eng. Maar dans dan in het toilethokje of op een mooie plek in het park. Of zing onder de douche, al is het nog zo vals.

En als je gisteren een vrouw met knalrood haar en lange witte jurk een kwartier lang uitgebreid zag dansen op perron 4b van Amsterdam Centraal: dat was ik! De volgende keer dat je me ziet, come join me. Dan dansen we samen ons leven weer levend.

 

Liefs, Nien

Laat je reactie achter

Ik ben benieuwd wat je van dit artikel vindt. Laat je het me weten?

Geef een reactie (*Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd)